Bout model volgens de CBFEM methode
IDEA StatiCa heeft een unieke methode in zijn solver, de Component-based Finite Element Method (CBFEM).. Het boutmodel dat in CBFEM wordt gebruikt, wordt beschreven en geverifieerd aan de hand van verschillende staalontwerpnormen. De weerstand van de bout en de vervormingscapaciteit worden ook vergeleken met de belangrijkste experimentele onderzoeksprogramma's.
In de Component-Based Finite Element Method (CBFEM) is de bout met zijn gedrag bij trek, afschuiving en stuik het onderdeel dat wordt beschreven door de afhankelijke niet-lineaire veren. De bout onder trek wordt beschreven door de veer met zijn axiale initiële stijfheid, ontwerpweerstand, begin van vloeien en vervormingscapaciteit. Voor het begin van vloeien en vervormingscapaciteit wordt aangenomen dat alleen plastische vervorming optreedt in het van schroefdraad voorziene deel van de boutschacht.
In onze Theoretische achtergrond vindt u meer informatie over hoe de CBFEM methode bouten berekent en verifieert Indien u meer wilt weten over CBFEM in het algemeen, dan is de volledige Algemene theoretische achtergrond zeker de beste plek om mee te beginnen.
Bouten volgens de normen
Laten we eens kijken hoe de benadering van bouten in CBFEM gaat vanuit het oogpunt van individuele norm-controles. Tot nu toe ondersteunt IDEA StatiCa acht normen waarin ontwerp en/of detaillering van bouten en voorgespannen bouten wordt berekend.
Controle van bouten en voorgespannen bouten volgens de Eurocode
The initial stiffness and design resistance of bolts in shear are in CBFEM modeled according to Cl. 3.6 and 6.3.2 in EN 1993-1-8. The spring representing bearing and tension has a bi-linear force-deformation behavior with an initial stiffness and design resistance according to Cl. 3.6 and 6.3.2 in EN 1993-1-8.
De initiële stijfheid en ontwerpweerstand van bouten in afschuiving zijn in CBFEM gemodelleerd volgens hoofdstuk 3.6 en 6.3.2 van EN 1993-1-8. De veer die de stuik en trek vertegenwoordigt, vertoont een bi-lineair kracht-vervormingsgedrag met een initiële stijfheid en ontwerpweerstand volgens hoofdstuk 3.6 en 6.3.2 in EN 1993-1-8.




